3 juli 2019

Op 1 juli 2019 trad een KB in werking dat het KB tot instelling van een algemeen reglement betreffende de inkomensgarantie voor ouderen wijzigt. De controle op de hoofdverblijfplaats van personen die een Inkomensgarantie ouderen (IGO) genieten, verstrengt.  

Hoofdverblijfplaats

Enkel wie zijn werkelijke verblijfplaats in België heeft, komt in aanmerking voor de IGO. De gerechtigde moet zijn hoofdverblijfplaats in België hebben en "er bestendig en daadwerkelijk verblijven". Een verblijf in het buitenland van maximum 29 – al dan niet opéénvolgende – kalenderdagen per jaar, wordt toegestaan. De dagen van vertrek en aankomst tellen mee als 'dagen in het buitenland'.

Indien niet aan deze voorwaarde is voldaan, wordt de IGO geschorst. Dit is het geval voor elke kalendermaand waarin de betrokkene niet ononderbroken in België verblijft maar in het buitenland. De IGO wordt geschorst van zodra de drempel van 29 dagen is overtreden. 

De drempel van 29 dagen verblijf in het buitenland mag toch overschreden worden, zonder dat daarop een schorsing volgt, in het geval van:

  • een toevallige of tijdelijke opname in een ziekenhuis of een andere instelling voor zorgverstrekking in het buitenland
  • uitzonderlijke omstandigheden die dit buitenlandse verblijf wettigen en waarvoor het beheerscomité van de Pensioendienst toelating gaf

Melding aan de Pensioendienst

Sinds 1 juli 2019 moet de gerechtigde op de IGO de Pensioendienst voorafgaandelijk schriftelijk inlichten over elk verblijf in het buitenland, ongeacht de duur.

Ook wie gedurende meer dan 21 kalenderdagen in België verblijft op een andere verblijfplaats dan zijn hoofdverblijfplaats, moet voorafgaandelijk contact opnemen met de Pensioendienst om hen in te lichten.  

Sancties

De Pensioendienst schorst de IGO van wie nalaat hen voorafgaandelijk in te lichten in geval van vertrek naar het buitenland.  De schorsing bedraagt een kalendermaand. Hiertoe houdt de Pensioendienst elke maand 10% van het maandbedrag in tot het bereiken van het bedrag overeenstemmend met één maand IGO.

Controle hoofdverblijfplaats

Het KB voorziet minstens éénmaal per jaar een controle voor 80% van de gerechtigden op de IGO.

Een trapsgewijze controle is voorzien:

  • De postbode kan zich aanmelden op de hoofdverblijfplaats of de meegedeelde tijdelijke verblijfplaats in België. Na vertoon van een geldige identiteitskaart, krijgt de betrokkene een controledocument. De betrokkene moet dan niets meer doen, dit controledocument bevestigt het verblijf in België.
  • Bij afwezigheid worden twee andere pogingen tot afgifte van het controledocument ondernomen binnen 21 kalenderdagen vanaf de eerste poging.

Indien de gerechtigde drie keer afwezig blijkt, wordt een verblijfsbewijs gedeponeerd in de brievenbus van de gerechtigde. Met dit bewijs moet de gerechtigde zich binnen de vijf werkdagen aanbieden bij het gemeentebestuur van zijn hoofdverblijfplaats. De bevoegde ambtenaar bevestigt dan het verblijf. De betrokkene zendt dit bewijs binnen dezelfde vijf werkdagen naar de Pensioendienst. Indien de controle negatief is, wordt de betrokkene geacht België verlaten te hebben sinds de datum van de eerste poging tot afgifte van het controledocument. Bij terugkeer op het Belgisch grondgebied, licht de gerechtigde spontaan de Pensioendienst in van zijn terugkeer. In dat geval start de Pensioendienst de controleprocedure op en hervat de betaling van de IGO vanaf de eerste dag van de maand na bevestiging van de aanwezigheid.